“Zonder uitkering terug naar mijn ouders”

///“Zonder uitkering terug naar mijn ouders”

“Zonder uitkering terug naar mijn ouders”

Voor wie vandaag voor het eerst op de arbeidsmarkt komt, is het geen kleinigheidje om een job te vinden. Getuige daarvan de verhalen van Pieter-Jan, Dimitri en Manuel, die in 2015 alle drie hun inschakelingsuitkering (dreigen te) verliezen. De regering Di Rupo beperkte dat recht tot drie jaar. De nieuwe regering verstrengde de voorwaarden waardoor bijkomend enkele duizenden jongeren uit de boot vallen.

GETUIGE 1: “Zoektocht niet makkelijker met masterdiploma”

  • Wie? Pieter-Jan Vermeersch (28)
  • Diploma? Studeerde in 2009 af als bachelor in de journalistiek. Na enkele korte werkervaringen schreef hij zich in 2010 in voor een master in de EU-studies, in de hoop om met een extra diploma makkelijker een baan te versieren.
  • Werkervaring? Tot nu toe kreeg hij enkel een stage en een tijdelijke job te pakken.
  • Recht op inschakelingsuitkering? Na drie jaar verliest hij deze maand zijn uitkering.

“In mijn laatste jaar journalistiek moest ik nog drie vakken afwerken. Om de rest van de tijd te vullen, ging ik als interim twee dagen per week aan de slag voor een uitgeverij, waar ik recensies moest verwerken. Ik was toen al druk op zoek naar een voltijdse job. Maar het was 2009 en volop crisis, echt vlot liep het niet. Op aanraden van enkele vrienden heb ik een job in de supermarkt aangenomen. Ik heb dat drie maanden gedaan. Daarna heb ik een half jaar voor Gaia vzw gewerkt.”

“Omdat mijn ambities verder reikten, besloot ik opnieuw te studeren. Ik schreef me in voor een master in de politieke wetenschappen, want ik veronderstelde dat ik daarmee sterker zou staan. In 2012 kwam ik opnieuw op de arbeidsmarkt, maar het ging al even moeizaam. In april 2013 kreeg ik de kans om stage te lopen bij de Wereldgezondheidsorganisatie in Brussel, een droomjob waarin ik meteen veel verantwoordelijkheid kreeg. Ik dacht dat de trein vertrokken was en ging ervan uit dat een betaalde job snel zou volgen, maar dat viel tegen. Pas in april 2014 vond ik een tijdelijke opdracht bij Eurocare, een Europese organisatie die rond alcoholpreventie werkt. In augustus liep dat contract af en sindsdien zit ik weer thuis.”

Regelmatig moet ik mijn zoekgedrag verantwoorden aan de RVA. Toen ik na mijn stage langsging, vonden ze dat ik te weinig moeite had gedaan om een job te vinden. Dat had ik niet verwacht, want voor de WHO had ik zes maanden lang keihard gewerkt. Veel tijd om te solliciteren heb ik in die periode niet gehad. Na een tweede gesprek zouden ze beslissen of ze mijn uitkering al dan niet zouden schrappen. Gelukkig vond ik toen net die tijdelijke job bij Eurocare.”

“Omdat ik voor mijn masterstudies al gewerkt had, moest ik de beroepsinschakelingstijd niet meer doorlopen. Ik had meteen recht op een inschakelingsuitkering van 425,36 euro, net voldoende om mijn steentje in het huishouden bij te dragen. Als dat bedrag in januari wegvalt, zal ik mijn spaarrekening moeten aanspreken. Ik wil niet dat mijn vrouw, die vast werk heeft, voor alles moet opdraaien.”

Ik stuur ongeveer tien sollicitatiebrieven per week. Ik reageer op alle vacatures die me min of meer aanspreken. Liefst zou ik een job vinden bij de EU, een ngo of een andere non-profitorganisatie. Maar uiteraard kijk ik verder en solliciteer ik bijvoorbeeld ook voor administratieve of communicatiefuncties bij bedrijven. Intussen is het alweer van september geleden dat ik op gesprek mocht. Toen strandde ik op een tweede plek.”

“Ik solliciteer altijd met veel enthousiasme want ik sta te popelen om aan de slag te gaan. Maar zodra de ervaring begint te spelen, val ik uit de boot. Ik heb er geen probleem mee om onder mijn niveau te werken, maar ik merk dat werkgevers zelf aarzelen om iemand aan te werven die overgekwalificeerd is. Ze vrezen dat je als master te snel zal uitgekeken zijn op de job.”

In discussies over werklozen gaat het bijna altijd over laaggeschoolden. Ook de begeleiding richt zich bijna uitsluitend tot die groep. Toen ik in 2012 weer op de arbeidsmarkt kwam en met een consulent van VDAB sprak, kreeg ik letterlijk te horen dat ik voldoende scholing had en mondig genoeg was om zelf een job te vinden. Dat vind ik spijtig, want mijn perspectieven blijken evenmin rooskleurig.”

“Ik kijk met een bang hart naar de toekomst. Ik zal haast verplicht zijn om een job als fabrieksarbeider of kassier te aanvaarden. Dat valt me zwaar. Uit het verleden weet ik dat ik daar weinig voldoening uit haal.”

GETUIGE 2: “Ik blijf hangen in kortstondige opdrachten”

  • Wie? Dimitri Reemers (27)
  • Diploma? Volgde in het buitengewoon beroepsonderwijs een opleiding tot logistiek assistent, intussen al acht jaar geleden.
  • Recht op een inschakelingsuitkering? Omdat Dimitri onvoldoende dagen gewerkt heeft, staat hij bij de RVA nog altijd als schoolverlater geregistreerd.  In periodes van werkloosheid valt hij terug op een inschakelingsuitkering en niet op een werkloosheidsuitkering. Op 1 januari heeft hij drie jaar gebruik gemaakt van zijn recht op een inschakelingsuitkering. Volgens de regels van de wet verliest hij dan zijn uitkering.

“Ik heb autisme. Structuur is voor mij hyperbelangrijk. En ik heb extra tijd nodig om me in te werken in een job. Een baan waarin ik steeds dezelfde handelingen moet uitvoeren, is perfect op mijn maat. Ik zou bijvoorbeeld graag als poetshulp of afwasser aan de slag gaan. Of kassier, want ik was altijd al goed in rekenen. Mijn handicap is niet erkend door de RVA. Ik kom volgens de controlearts niet in aanmerking om voor minstens 33 procent arbeidsongeschikt verklaard te worden. Mijn recht op een inschakelingsuitkering zal dan ook niet verlengd worden.”

“Na mijn opleiding logistiek assistent ging ik gedurende een jaar deeltijds aan de slag in een woon-en-zorgcentrum. Daaruit bleek dat ik niet alleen voor het zoeken naar een job, maar ook op de werkvloer nood heb aan extra ondersteuning. Die steun kwam er in de persoon van een GTB-begeleider (gespecialiseerde trajectbegeleiding voor personen met een arbeidshandicap, nvdr). Helaas heeft die me tot nu toe niet kunnen helpen aan een stabiele job. Zelfs een stage, die dan eventueel zou kunnen leiden tot een contract, is nog niet gelukt.”

“Ik blijf voorlopig hangen in kortstondige opdrachten. Ik werkte al in Bobbejaanland en Plopsa Indoor Hasselt, draaide enkele weken mee op het werk van mijn vader,… Maar echt veel ervaring heb ik in al die jaren niet kunnen opbouwen, ondanks al mijn sollicitatiepogingen. In acht jaar tijd heb ik meer dan 5.000 mails verstuurd naar bedrijven. Om ervaring op te doen, heb ik al overwogen om aan de slag te gaan als vrijwilliger. Alleen vinden ze het bij de RVA niet zo’n goed idee. Ze zijn van oordeel dat ik dan onvoldoende beschikbaar ben voor de arbeidsmarkt.”

“Ik werkte zes weken in een beschutte werkplaats in Tienen. Ik moest er Jupiler-glazen in een karton plaatsen. Toen die opdracht achter de rug was, was er geen werk meer voor mij. Ik sta ook al zeven jaar op de wachtlijst van een andere beschutte werkplaats uit de buurt. Naar verluidt zouden er 4.000 à 5.000 mensen meedingen naar een plaats. Dat er zoveel gegadigden zijn, heeft te maken met de sluiting van Ford Genk. Een afdeling van de beschutte werkplaats stond eerder in voor het wasgoed van de arbeiders van Ford Genk. Door de sluiting verloren velen mensen hun job waardoor ze allemaal op de wachtlijst terechtkwamen.”

“Elke zes maanden krijg ik een oproepingsbrief van de RVA. Ik moet dan aantonen dat ik nog altijd actief op zoek ben naar een job. Alleen zo behoud ik mijn recht op een inschakelingsuitkering. Na acht jaar heb ik het soms moeilijk om mezelf te blijven motiveren. Gelukkig heb ik veel vrienden die me steunen en goeie raad geven. Ze helpen me om mijn gedachten te verzetten en telkens opnieuw mijn moed bijeen te rapen. Want nee, ik wil helemaal niet lui in mijn zetel zitten en leven van een uitkering.”

“Valt mijn inschakelingsuitkering weg, dan vrees ik dat ik opnieuw bij mijn ouders moet gaan wonen. Mijn vriendin is volledig arbeidsongeschikt en moet rondkomen met een invaliditeitsuitkering. Daarmee alleen kunnen we de huur van onze woning niet betalen.”

 GETUIGE 3: “Ik wil niet afhankelijk zijn van mijn vriendin”

  • Wie? Manuel Reyes (20)
  • Diploma? Geen.
  • Werkervaring? Heeft al zeker vijf verschillende jobs achter de rug.
  • Recht op inschakelingsuitkering? Voorlopig wel nog. Als hij tegen september geen diploma middelbaar onderwijs op zak heeft, riskeert hij ze dan toch te verliezen, een gevolg van de verstrengde regelgeving van de regering Michel.

“Twee jaar geleden trok ik de schoolpoorten achter me dicht, zonder diploma. Ik volgde een opleiding verzorging, maar dat lag me niet meer. Ik wou graag het leger ingaan. Omdat ik er pas in november 2012 kon beginnen, heb ik eerst enkele tijdelijke opdrachten gedaan, onder andere als order picker. Ik heb in die periode ook mijn heftruck- en reachtruckbrevet gehaald, waarmee ik aan de slag kon bij Black&Decker. Daarna heb ik een tijdje in de bouw gewerkt, als klinkerlegger. Ik kon er een vast contract krijgen, maar werd toen opgeroepen voor het leger.”

“Helaas heb ik door knieproblemen mijn opleiding bij het leger vroegtijdig moeten staken. Drie dagen later was ik al aan het werk als energieadviseur. Negen maanden lang ging ik van deur tot deur om mensen te helpen energie te besparen. Het lijkt een hondenjob, maar ik hield van die sociale contacten. Toen botste ik op een andere werkgever die me een job als teamleader aanbood, met een hoger loon, een chiquere wagen en smartphone. Helaas werd mijn team korte tijd later ontslagen. Mijn baas stelde een andere job voor, maar die zag ik niet zitten. Gelukkig kreeg ik snel daarna een nieuwe tijdelijke aanbieding als heftruckchauffeur. Na enkele werkloze maanden ben ik in een opleidingsproject van ACV gestapt: Score Your Goal. Een half jaar later leidde dat tot een job bij een vleesbedrijf, waar ik verantwoordelijk was voor de controle van etiketten op de verpakkingen. Daar ben ik op een dag door mijn knie gezakt. Sindsdien zit ik thuis, wachtend op een operatie.

“Ik krijg nu een inschakelingsuitkering. Omdat ik geen diploma heb, zou die in de loop van volgend jaar kunnen wegvallen. Dat is een van de voorwaarden die de nieuwe regering wil invoeren. Ik woon samen met mijn vriendin die zelfstandige is. Zij verdient goed haar boterham, dus zonder mijn uitkering kunnen we het even volhouden. Maar sowieso wil ik niet afhankelijk zijn van haar.”

“Bij de pakken blijven zitten, doe ik niet. Ik heb ervaren dat ik zonder diploma alleen het vuile werk mag doen. Aangezien ik fysiek werk niet aankan, ben ik van plan volgend jaar toch opnieuw te studeren. Eerst moet ik dan wel mijn diploma middelbaar onderwijs behalen. Daarna wil ik maatschappelijk werker worden, zoals mijn vader. Hij werkte bij Ford Genk, maar is zich door de sluiting gaan heroriënteren. Ik wil hetzelfde doen. Ik zou graag mensen begeleiden die dakloos zijn, schulden hebben, in het drugsmilieu zitten… Het zou me veel voldoening geven hen uit de put te halen en op het juiste pad te helpen.”

En dan is er nog het absurde verhaal van Tine (schuilnaam)

“In 2002, kort voor het einde van mijn studies orthopedagogie, werd ik ziek. Het bleek om een ernstige vorm van fibromyalgie (reuma aan spieren en bindweefsel, nvdr) en CVS (chronische vermoeidheidssyndroom, nvdr) te gaan. Na mijn opleiding schreef ik me bij de VDAB in als werkzoekende, waardoor mijn wachttijd (vandaag beroepsinschakelingstijd) begon te lopen.”

Al snel voelde ik dat werken er niet in zat, met als gevolg dat ik ‘op de ziekenkas’ belandde en een uitkering van de mutualiteit kreeg. Een jaar later ging dat over op een invaliditeitsuitkering. Na enkele jaren kreeg ik plots te horen dat ik geen recht meer op had zo’n invaliditeitsuitkering. Ik ging in beroep, maar de Arbeidsrechtbank gaf me ongelijk. ‘Omdat mijn ziekte er al was voor ik begon te werken’, oordeelde de rechter. Hij verwees me door naar de FOD Sociale Zekerheid, waar ik als ‘persoon met een handicap’ een tegemoetkoming zou kunnen krijgen. Zou, want om een of andere reden bleek ik niet aan de voorwaarden te voldoen om een inkomensvervangende tegemoetkoming te krijgen. Daartegen ga ik momenteel in beroep.”

“Recht op een inschakelingsuitkering heb ik sinds deze maand niet meer. Eerder liet de RVA me via brief weten dat ik twee jaar verlenging zou krijgen – omdat ik een blijvende arbeidsongeschiktheid van minstens 33 procent heb – maar de VDAB heeft dat herroepen. ‘Omdat de dokters vaststelden dat ik niet ‘toeleidbaar’ ben en ze me dus geen gepast traject naar werk kunnen bieden’, klinkt de redenering.’ Ik hoor nu dus in geen enkel systeem meer thuis. Het is pure Kafka. Al twaalf jaar word ik van het kastje naar de muur gestuurd en ik vang overal bot. De overheidsdiensten raken het maar niet eens over welke uitkering/tegemoetkoming ze precies moet krijgen. Ik ben alleenstaande. Zonder uitkering red ik het niet. Ik kreeg al de raad om naar het OCMW te stappen voor een leefloon.

De getuigenissen van Pieter-Jan, Manuel, Dimitri en Tine verschenen (verkort) in De Standaard van 8 januari 2015.

2018-03-02T09:39:09+00:00 08/01/15|Categories: De Standaard|Tags: , , , , |Reacties uitgeschakeld voor “Zonder uitkering terug naar mijn ouders”